A/ZDatumLocatie

‘40+-dansers verdienen een groot repertoire’

Als meesterchoreograaf Jiří Kylián zich, terugkijkend op zijn carrière, over één ding boos maakt, is het wel dat NDT3 – het door hem opgerichte ensemble voor 40+dansers – in 2006 werd wegbezuinigd. Gelukkig echter is de boodschap die de groep zo overtuigend heeft uitgedragen níet verloren gegaan: oudere dansers raken je op een unieke manier, hun zeggingskracht neemt met de jaren veelal alleen maar toe. In Duitsland leidde dat dit jaar tot de oprichting van 40+-gezelschap Dance On, dat tijdens het Holland Dance Festival zijn allereerste voorstelling geeft. Ook organiseerde het festival Good [Old] Times, een project dat begon als een serie workshops voor 55+-ers, maar nu uitmondt in een bijzondere festivalvoorstelling.

Als programmeur en festivaldirecteur presenteerde Madeline Ritter al flink wat jaren dansproducties, toen ze ergens in de jaren negentig in het Pictures of (e)Motion-festival in Bonn een voorstelling van NDT3 bracht. Lachend: “Mijn vader kwam, als zo vaak, kijken en zei: ‘Dit noem ik nu pas écht dans. Dit moet je vaker doen’.” Hoewel ze het achteraf volledig met hem eens is, had ze toen nog niet kunnen denken dat ze ooit zelf een 40+-ensemble zou beginnen. “Dat stond niet op mijn agenda, maar het móést gewoon gebeuren.” Twee aanleidingen droegen daaraan bij. “Samen met mijn teammedewerker Riccarda Herre bezocht ik een galavoorstelling rond de uitreiking van de Duitse TanzPreis en op de terugweg raakten we maar niet uitgepraat over één duet. We werden, beseften we, diep getroffen door de lading die de twee oudere dansers eraan wisten te geven. Voorts zag ik in korte tijd drie keer Hans van Manens fantastische The Old Man and Me, dat hier in Duitsland bijna een standaardwerk aan het worden is voor de oudere danser. Dat maakte iets bij me los, ik dacht: dit soort dansers verdient toch een veel groter repertoire.” En zo kwam Ritter (56) ertoe om een plan uit te werken voor Dance On, een platform voor de 40+-danser, dat naast een professioneel gezelschap – het Dance On Ensemble – ook amateurprojecten, een onderzoeksafdeling en een festival omvat. “Om de Duitse overheid over te halen het plan te steunen, vroeg ik alle grote Duitse dansgezelschappen om een aanbevelingsbrief. Die schreven ze én meer, want Christopher Roman, associate director van The Forsythe Company, meldde zich. Hij wilde meedoen, en is nu de eerste artistiek directeur van het Dance On Ensemble.”

Nieuwe creaties

Meer dan duizend dansers meldden zich voor de audities van de groep, van wie er uiteindelijk zes zijn overgebleven. Onder hen Ty Boomershine en Amancio Gonzalez, twee dansers die hun sporen in Nederland ruim hebben verdiend. Ritter: “Behalve op hun persoonlijkheid, zelfbewustzijn en artistieke raffinement hebben we de dansers ook beoordeeld op hun motivatie. We zochten mensen die er volledig voor willen gaan, die met elkaar in dit grote avontuur willen stappen.”

Hoewel Ritter zich uit de NDT3-tijd voldoende pareltjes kan herinneren die ze op het repertoire van Dance On zou willen zien, kiest de groep heel bewust voor nieuwe creaties, gemaakt op en met de dansers. “Voor de dansers is dat een belangrijk deel van de uitdaging: na jarenlang vaak als ‘instrument’ voor anderen te hebben gediend, krijgen ze nu bij elke productie een grote inbreng. Ze hebben daar de leeftijd ook voor, de leeftijd om zich in alle vrijheid te kunnen uiten.”

Dat Dance On zijn eerste voorstelling niet in Duitsland, maar tijdens het Holland Dance Festival danst, ligt, zegt Ritter, geheel aan de doortastendheid van festivaldirecteur Samuel Wuersten. “Hij belde mij nog voordat we überhaupt dansers of choreografen hadden aangenomen. Blijkbaar heeft hij zoveel vertrouwen in ons initiatief dat hij deze ‘blind date’-uitnodiging aandurfde.”

In Den Haag presenteert Dance On 7 Dialogues, een programma waarvoor de dansers ieder een samenwerking aangaan met hun choreografische ‘droompartner’. Ritter, met een knipoog: “Jammergenoeg konden we niet álle dromen realiseren: één danser wilde werken met de Spaanse filmregisseur Pedro Almodóvar, maar hoe vereerd deze zich ook voelde, hij zag zichzelf niet als choreograaf.”

Uiteindelijk zijn de dansers/choreografen-duo’s Ami Shulman/Etienne Guilloteau, Ty Boomershine/Beth Gill, Joné San Martin/Tim Etchells, Amancio Gonzalez/Hetain Patel, Brit Rodemund/Lucy Suggate en Christopher Roman/Ivo Dimchev. Ritter: “Ieder koppel werkt aan een dialoog van zo’n acht minuten en daarna worden deze zes dialogen, onder aanvoering én op muziek van componist Matteo Fargion, tot één in elkaar grijpend geheel gesmeed.” Inmiddels hebben ook andere prestigieuze buitenlandse theaters en -dansinstellingen grote belangstelling voor Dance On getoond. Ritter: “Het zou mooi zijn als we uiteindelijk tot één overkoepelende Europese organisatie zouden kunnen komen.”

Emoties

Net als Ritter waren ook Julia Wielstra en Jozef Sloots grote NDT3-fans. Wielstra: “De dansers waren, door hun leeftijd, technisch minder explosief dan hun jongere collega’s, maar juist door die ‘ingetogenheid’ kon je eigenlijk nog veel beter zien op wat een enorme techniek en ervaring zij konden bogen.” Sloots: “Ze konden veel duidelijker dan jonge dansers emoties voor het voetlicht brengen en bewezen wat ik allang vond: je bent nooit te oud om te dansen.” Wielstra (56) en Sloots (79) namen begin 2015 deel aan de door Holland Dance georganiseerde 55+-dansworkshops Good (Old) Times. Toen ze enkele maanden later hoorden dat het project een vervolg zou krijgen in de vorm van een voorstelling van choreografenduo Isabelle Chaffaud en Jérôme Meyer, waren ze er meteen bij. Sloots: “Het is zo interessant om mee te maken hoe een choreografie tot stand komt, zo’n kans grijp ik direct aan.”

Beiden zijn late starters. Wielstra danst sinds haar zevenentwintigste. “Ik heb onder meer Balinese, oriëntaalse en Afrikaanse dans gedaan en de laatste jaren ook zumbalessen gevolgd. Voor mij is dans vooral plezier, ontspanning. Ik dans omdat ik er veel energie van krijg.” Sloots is 25 jaar geleden – op zijn vierenvijftigste dus – met dansen begonnen en heeft zich sindsdien ontwikkeld tot, zoals hij het zelf noemt, improvisatiedanser. Inmiddels heeft hij een aardig indrukwekkend cv opgebouwd. Zo werkte hij eerder mee aan producties van onder anderen Anouk van Dijk, Twyla Tharp en Krisztina de Châtel en aan een Holland Dance-project voor valide en mindervalide dansen, en tijdens het CaDance-festival van 2011 voerde hij zelfs een zelf gechoreografeerde solo uit. “Ik houd van improviseren. Zelfs als ik salsa dans, probeer ik een danspartner te vinden die mij een beetje mijn eigen gang laat gaan, al ben ik er tegelijkertijd juist erg op gericht om die ander tot haar recht te laten komen. Vaststaande pasjes leren is lastig voor mij, een soort blinde vlek. Ook daarom vind ik het interessant om mee te doen aan Good (Old) Times. Ik wil die blinde vlek een beetje weg proberen te poetsen.”

Gek doen

Ze hebben pas twee repetities met Chaffaud en Meyer achter de rug, dus kunnen nog niet inschatten hoe de voorstelling zich zal ontwikkelen. Wielstra: “Isabelle is heel spontaan, heel warm. Ze wil heel veel vertellen; Jérôme zet daar regelmatig de stop op.” Sloots: “Ik heb nog geen idee wat ze uit ons willen halen.” Wielstra: “Ze willen in elk geval dat je het nodige van jezelf laat zien. Dat je in je bewegingen ook eigen emoties legt.” Sloots: “Tijdens de laatste repetities moesten we allemaal zo gek mogelijk doen.” Wielstra, bescheiden over haar eigen inbreng: “Niet iedereen is daar goed in.” Sloots, geruststellend: “Maar dat is juist het mooie: iedereen doet gek op zijn of haar manier.”

Beiden kunnen zich niet voorstellen dat er een tijd komt dat ze niet meer zullen dansen. Wielstra: “Nee, er zit geen leeftijdslimiet op dansen. Ik ga ook nog regelmatig dansen in het Haagse Paard van Troje. Je moet het gewoon doen: doorgaan met bewegen, met plezier hebben.” Sloots: “Ik ben van huis uit architect en zie de dans eigenlijk als een voortzetting daarvan. Door te dansen kan ik de ruimte blijven gebruiken. Als het mij gegeven is, denk ik dat ik in mijn doodskist nog zal bewegen.” Tekst: Astrid van Leeuwen